Tora Yeshua  תורה־ ישוע

 Welkom op onze geheel vernieuwde website; stuur ons uw suggesties dan wordt het nog mooier.

Verslag van HuT-kalifaatconferentie 3-7-2011, A’dam, van binnen uit !

Met dank aan onze speciale reporter Bernadette de Wit, die deze conferentie van binnen uit meemaakte! Het verslag van de buitenkant met videoverslag van AT5 en van Tora-Yeshua vindt u op https://tora-yeshua.nl/2011/07/hizb-ut-tahrir-erger-dan-een-sekte-gesubsidieerd-hoogverraad/ Het verslag van de binnenkant,  vanuit de vrouwenhoek, heet ‘Snakken naar onderwerping: het kalifaat moet komen!’ De verslaggeefster concludeert dat de Nederlandse overheid de neiging tot extremisme in de moslimminderheid onderschat. Hizb ut-Tahrir mobiliseert de moslims om zich af te keren van de Nederlandse samenleving; het verslag geeft een huiveringwekkend inkijkje in hoe deze mobilisatie in zijn werk gaat.

Snakken naar onderwerping: het kalifaat moet komen!

De Nederlandse overheid is een domme struisvogel. Ze heeft nog steeds geen idee wat zich afspeelt in de moslimminderheid. De verleiding van het extremisme is sterk, bleek op de laatste conferentie van Hizb ut-Tahrir (HuT), partij voor de bevrijding. De naam is een programma: Khilafa. Het is tijd voor verandering. Een paar honderd doorsnee moslims luisterden op 3 juli naar toespraken over de vestiging van het kalifaat. Daarvoor moeten de democratie, de seculiere staat, het kapitalisme en de burgerlijke vrijheden worden afgeschaft. Talloze malen scandeerde de massa op luide toon ‘Takbir! Allahoe akbar!’ Ben Kok en zijn cameraman mochten niet binnen, Bernadette de Wit wel. Aan de vrouwenkant wel te verstaan. Met een cameraatje dat eruitziet als fototoestel.

Tijdens de inloop gaat uw verslaggever tussen de gesluierde mohammedaansen zitten; de jonge meisjes zien er stylish uit, je ziet ze elke dag op straat. Er zijn ook een paar dappere christinnen met een hoofddoekje; ik vermoed uit respect en om de beoogde dialoog een kans te geven. Ze gaan in gesprek met de moslima’s en ik vang op: ‘Maar jullie Isa is niet dezelfde als onze Jezus.’

De vrouwen, velen met kinderwagen, komen binnen door een aparte ingang en een smal gangetje, waar ook de wc is. ‘De woedoe kunt u op de wc doen’, zegt de dagvoorzitter. De mannen hebben een ruimere entree en zitten aan de andere kant. Hun gebedsruimte is buiten, terwijl die van de vrouwen op deze warme dag in een bedompte binnenruimte is ingericht.

Zoals het gelovigen betaamt, begint de conferentie met een Koranlezing. Soera 24, An-Noer [het licht], vers 51 tot en met 59, dateert van na de verhuizing van de profeet Mo (puh) naar Medina. Dit hoofdstuk verdeelt de mensheid in twee groepen, de moslims en de anderen, veroordeelt alle andere religies en bespot de koeffaar, de ongelovigen, onder wie ook de aanhangers van andere religies worden verstaan. Verderop in dit hoofdstuk wordt een gebod uit de sharia uitgelegd, waaraan je kunt zien dat dit systeem tot in de kleinste details het hele leven van de moslims bepaalt. Hierna de vertaling van professor F. Leemhuis; de vette accenten en opmerkingen tussen vierkante haakjes zijn van de auteur.

Maar wat de gelovigen zeggen wanneer zij tot God [Allah] en Zijn gezant worden opgeroepen opdat Hij tussen hen zal oordelen is: “Wij horen en gehoorzamen.” Zij zijn het die het welgaat.
En wie God en Zijn gezant gehoorzaamt en voor God bevreesd is en Hem vreest, zij zijn het die triomferen.
Zij zullen zweren bij God dure eden dat zij als jij hen beveelt zullen uittrekken [oprukken in de jihaad]. Zeg: “Zweert niet! Gehoorzaamheid is passend! God is welingelicht over wat jullie doen.”
Zeg “Gehoorzaamt God en gehoorzaamt de gezant, maar als jullie je afkeren, dan is hij alleen maar verplicht tot dat waarmee hij belast is. En jullie zijn verplicht tot dat waarmee jullie belast zijn. En als jullie hem gehoorzamen dan laten jullie je de goede richting wijzen. De gezant heeft alleen maar de plicht van de duidelijke verkondiging.”
God heeft hun onder jullie die geloven en de deugdelijke daden doen toegezegd, dat Hij hen als opvolgers [Hizb ut-Tahrir gebruikt stedehouders] op de aarde laat komen zoals Hij hen die voor hen waren als opvolgers heeft laten komen en dat Hij voor hen hun godsdienst, die Hij voor hen goed heeft bevonden [HuT: die Hij voor hen heeft gekozen], een vaste plaats heeft gegeven en dat Hij hun in plaats van hun vrees veiligheid zal geven. Zij dienen Mij en zij voegen niets als metgezel aan mij toe [HuT: niets met Mij vereenzelvigen]. Wie daarna nog ongelovig zal zijn, dat zijn de verdorvenen.
Verricht de salaat, geeft de zakaat en gehoorzaamt de gezant; misschien zal aan jullie barmhartigheid bewezen worden.
Jij mag niet denken dat zij die ongelovig zijn op de aarde iets kunnen uitrichten; hun verblijfplaats is het vuur en dat is pas een slechte bestemming!
Jullie die geloven! De slaven waarover jullie beschikken en zij ui jullie midden die nog niet de puberteit bereikt hebben, moeten aan jullie op drie tijden vragen of het gelegen komt: voor de salaat van de dageraad, wanneer jullie op de middag je kleren aflegt en na de avondsalaat, drie tijden namelijk waarop jullie ongekleed zijn. Het is voor jullie en voor hen geen overtreding als jullie daarna bij elkaar in en uit gaan. Zo verduidelijkt God voor jullie de tekenen; God is wetend en wijs.
En wanneer de kinderen uit jullie midden de puberteit bereikt hebben, dan moeten zij vragen of het gelegen komt zoals zij deden die hen voor waren. Zo verduidelijkt God voor jullie zijn tekenen [HuT: geboden]; God is wetend en wijs [HuT: Alwetend en Alwijs].

Hierna komt nog: “En voor de vrouwen die op leeftijd zijn en niet meer verwachten te trouwen is het geen overtreding als zij hun kleren afleggen, maar dan zonder hun sieraad te vertonen. Maar als zij het nalaten is het beter voor hen. En God is horend en wetend.”

‘Het is tijd voor verandering!’ roept de dagvoorzitter uit. We krijgen een film te zien van de eerdere Europese khilafaconferentie van 25 juni, in dezelfde zaal, waar duizend mensen waren. Helaas hapert de techniek, maar we missen niet zoveel, want HuT Internationaal houdt aan de lopende band kalifaatconferenties over de hele wereld en die lijken allemaal op elkaar. HuT gelooft in de kracht van de herhaling. Doel van die campagne is de ‘hervestiging’ van de islamitische staat en ‘het bestrijden van niet-islamitische ideeën’ (daarom mochten de bezoekers ook niet met Ben Kok praten van de bewakers).

De eerste lezing gaat over de geschiedenis van de Khilafa (het kalifaat) en wordt gegeven door Abdel Malik van HuT Nederland. Van 622 tot 1924, dertien eeuwen lang, is de khilafa leidend geweest. In 1924 is de oemma, het lichaam van de islamitische staat, het kalifaat kwijtgeraakt door een samenzwering van koloniale grootmachten en door interne verzwakking in de islamitische wereld. De naam Atatürk wordt niet genoemd.
De islamitische staat, geregeerd volgens het oordeel van Allah en niet volgens mensenwetten, werd door de profeet gevestigd in Medina, het omgedoopte Yathrib, na de hidjra. Abdel Malik gaat in op de roemruchte daden van de eerste vier ‘rechtgeleide’ kaliefen, zoals het houden van expedities om tegenstanders te bestrijden tot ze hun verzet staakten, het overal bouwen van moskeeën, een hogere uitkering voor de armen en het samenstellen van de geschreven Koran.
Na de moord op Ali, de laatste rechtgeleide kalief [zijn voorganger Uthman werd ook vermoord, net als Ali’s opvolger, zijn zoon Hassan, en diens broer Hoessein] bracht de volgende kalief de islam tot in verafgelegen plaatsen: het hele Midden-Oosten, Noord-Afrika, Centraal Azië. ‘Nog steeds wonen daar trotse moslims!’

Imam Boechari en Imam Moeslim, die de overleveringen van Mo (puh) optekenden, komen beiden uit Centraal-Azië. In hun hadieth over de laatste profeet (puh) hebben zij gezegd: “Er zullen Khilafa zijn en zij zullen groot in aantal zijn.” In het tijdperk erna werd het kalifaat van vader op zoon overgedragen. Van 661-750 was er de dynastie van de Oemayyaden, die hard werkten aan verbreiding van de islam tot Pakistan, India, Bangladesh, Cyprus, Spanje en Zuid-Italië aan toe. ‘De oemma groeide immens!’

Er werden staatshervormingen doorgevoerd. Onder de daaropvolgende dynastie van de Abbassieden ‘bloeiden de wetenschappen. Als reactie kwam er een aanval van de Byzantijnen, maar de moslims wonnen.’ De omvang van het kalifaat vroeg om gouverneurs, die in 1260 werden ingesteld: ‘Een bewijs van de eenheid.’

In de zaal zitten zowel Marokkanen als Turken. Abdel Malik vertelt over het Ottomaanse rijk. In 1517 kregen de Ottomanen een groot deel van het grondgebied onder controle. Ook onder de Ottomanen was het kalifaat erfelijk; daardoor begon hun heerschappij. Ze trokken opnieuw Europa binnen en brachten Oost-Europa onder de islam.
Een voorbeeld van hun succes was het verbod op een negentiende-eeuws Frans toneelstuk waarin de profeet voorkwam [bedoelt hij Mahomet, le fanatisme, ou Mahomet, le Prophète van Voltaire, uit 1736?]. De Ottomaanse sultan ontbood de Franse ambassadeur en de voorstelling werd afgelast.

De lezing wordt abrupt onderbroken. Een man achterin de zaal met zwarte HuT-vlag en microfoon, hij is van de ideologische ordedienst, roept: Takbir!. Op zijn teken antwoordt de zaal en masse: Allahoe akbar! Deze dubbele islamitische strijdkreet, equivalent van ons applaus, herhaalt zich drie keer. Daarna hervat de spreker zijn betoog.

Hij noemt de nagel aan de islamitische doodskist: de zionistische Joden onder leiding van Herzl. ‘Ze wilden Palestina kopen van de Khilafa. De sultan zei: “Niet zo lang ik leef.” De enige fout van de Ottomanen is dat ze het Arabisch niet als islamitische taal hebben genomen maar hun eigen taal. Dit leidde de ondergang van de islam in, want zonder Arabisch is er geen begrip en moslims wisten niet meer hoe de islam correct toe te passen.’

In Europa werd de islam steeds zwakker en na de Tweede Wereldoorlog was de islam verslagen. ‘Westerse agenten binnen de islamitische staat grepen de macht: de islamitische staat was afgeschaft, de islamitische wet was afgeschaft, islamitische rechtbanken waren afgeschaft, de Westerse grondwet en het Latijns schrift domineerden en islamitische kleding niet langer toegestaan.’
Na een pauze: ‘Dit was het voorlópige einde van de khilafa.’
Ja, het komt allemaal door de Joden en het Westen, geholpen door verraders in eigen islamitische kring.

Daarna behandelt de spreker ‘de misconceptie dat opvolging van van vader op zoon onislamitisch is’. Volgens Malik is dit wel islamitisch, de eed van trouw (allégiance perpétuelle) in de context van het hele islamitische systeem (rechtbanken, gouverneurs) maakt dat het erfelijke kaliefschap wel genade kan vinden in de ogen van Allah. Maar verwar dit niet met de monarchie!

In reactie op de gebeurtenissen van 1924 zei de Britse minister van Buitenlandse Zaken dat Groot-Brittannië alles op alles zou zetten om de terugkeer van de islamitische eenheid te voorkomen. ‘Dat de islamitische staat moge terugkomen!’

Takbir! Allahoe akbar! De ideologische bewaking begint weer en de zaal vult aan. Nu viermaal.

De tweede lezing wordt gegeven door een tamelijk fanatiek uitziende Marokkaanse meneer met onverstaanbare naam (Zakaria is zijn middelste naam), afgestudeerd aan de Islamitische Universiteit Rotterdam.
Hij zet uiteen dat het voor moslims verplicht is om de khilafa te hervestigen. ‘Moslims in het Westen leven in een benauwde sfeer, het is voor hen heel zwaar, want er is geen islamitisch leven mogelijk. Wat is erger voor de oemma dan leven onder het gezag van de koeffaar? Wat is erger dan dat onze landen worden aangevallen door de troepen van de koeffaar? Wat is erger dan dat een zuster niet kan worden beschermd sinds de val van het khilafa?’

Het is duidelijk: de enige manier om islamitisch te leven, is een islamitische staat, khilafa. Dit te bereiken is een collectieve plicht, een fard kifaya voor álle moslims.

Wat is islamitisch leven? Wat is goddelijk oordeel? Het antwoord: alles wordt geordend door de sjaria. Na een korancitaat in het Arabisch volgt weer geschreeuw:

Takbir!!! Allahoe akbar!!!
Gevolgd door de sjahada, de geloofsbelijdenis: La illaha illallah Mohammad rasoellulah! [er is geen God dan Allah en Mohammed is de boodschapper van Allah].
Daarna de slogan Al-oemma toerid al-khilafa islamiyyah! [de oemma, het lichaam van de islamitische staat, ofwel de gemeenschap, wenst het kalifaat].

Voor alle moslims geldt het goddelijk oordeel: uitspraken van de wetgever, Allah soebhana wa ta’ala [o Allah, u bent volmaakt]. Allah zal allen ondervragen over hetgeen zij deden. Dan citeert hij uit de Koran, soera 33:36, al-Ahzaab [de partijen, uit Medina] het hoofdstuk waarin beschreven staat hoe de profeet Mo (puh) op Zainab valt, de vrouw van zijn stiefzoon, waarna de stiefzoon aanbiedt om van haar te scheiden zodat de grote profeet haar kan overnemen. In een samenzijn met Aisja krijgt Mo (puh) een openbaring van Allah, die zijn huwelijk met Zainab zegent. En daarom:

Het past een gelovige man en een gelovige vrouw niet, wanneer Allah en Zijn gezant iets beslist hebben, nog de vrije keus te hebben in hun beschikking.dat er voor hen een keuze zou zijn in die zaak niet dat er een keus zou zijn. En wie Allah en Zijn gezant trotseert, dwaalt duidelijk.

Er zijn vijf soorten goddelijk oordeel door de sharia: ten eerste de fard (een bindend, collectief verzoek, anders straf), ten tweede wat haram is (idem), ten derde wat afgeraden is (dit wordt niet bestraft en indien men dit nalaat, volgt een beloning), ten vierde wat aangeraden is (nakomen wordt beloond) en ten vijfde ‘de vrij gelaten keus tussen nakomen en niet nakomen’. In zijn uitleg is er niets dat eenvoudig toegestaan is voor moslims.

Nogmaals:de fard al kifaya geldt voor alle moslims! Het bewijs staat volgens de spreker ‘in de edele koran’, soera 5:49, al-Maida [de tafel, Medinisch]:

En oordeel tussen hen volgens wat God heeft neergezonden en volg hun neigingen niet en wees voor hen op je hoede dat zij je niet weglokken van een deel van wat God tot jou heeft neergezonden.

Vervolgens verwoordt de spreker de islamitische moraal (de boven ons gestelden zouden eens wat vaker moeten luisteren naar wat de moslims zelf te zeggen hebben in plaats van hun wensdenken op deze groep los te laten): ‘Alles wat de belangen van de moslims vertegenwoordigt is goed, alles wat de islam niet ten goede komt, is het kwaad.’ Khilafa is verplicht, herhaalt hij nog maar eens.
De soenna is: gehoorzaamheid aan de khilafa.
De Jahiliyya is de periode van onwetendheid vóór de islam, maar is nu synoniem voor ongeloof.
De profeet, sallallahu ‘alayhi wa salaam, zei dan ook: “De imam [kalief] is als een schild van waarachter de moslims vechten en zich beschermen” [een hadieth van Muslim].

De bewijsvoering komt volgens de spreker uit de consensus onder de sahaba [de metgezellen van de profeet], en de idjma [de consensus van rechtsgeleerden, een van de vier pijlers van de fiqh, de jurisprudentie van de islamitische wet].

De khilafa is een fard! De islamitische staat is de bedoeling van Allah, een schild, de enige staat die onze belangen kan behartigen, die ons kan verenigen: La ilaha illallah!!!

Takbir!!! Allahoe akbar!!!, klinkt het vijfmaal uitzinnig.

De spreker komt nu op dreef en reciteert soera 24:56 [an-nour, het licht, Medina]:

Allah heeft aan degenen onder u die geloven en goede werken doen beloofd dat Hij hen voorzeker tot stedehouders op aarde zal aanstellen, zoals Hij degenen die voor hen waren tot stedehouders maakte, en dat Hij de godsdienst die Hij voor hen gekozen heeft zeker zal bevestigen, en dat Hij hen na hun vrees, vrede en veiligheid zal geven. Mij zullen zij aanbidden en niets met Mij vereenzelvigen, maar wie daarna het geloof verwerpen zullen overtreders zijn.

Hoog tijd voor een yell: Takbir!!! Allahoe akbar!!!!
De mannen schreeuwen, vrouwen houden het gracieus en glimlachen blij.

Daarna een uitspraak van de gevierde soennitische theoloog imam Ahmed. Deze jurisprudentie wordt als sluitend bewijs gezien dat het kalifaat de wens van Allah is, want als Allah er anders over dacht, zou Hij het kalifaat wel ‘wegnemen’:

“Het profeetschap zal onder jullie zijn zolang Allah het wil, en dan wanneer Allah het wil zal Hij het wegnemen. Vervolgens zal er de Khilafa Raasjida zijn zolang Allah het wil, en dan wanneer Allah het wil zal Hij het weg nemen. Dan zal er een pijnlijk leiderschap zijn zolang Allah het wil, en dan wanneer Allah het wil zal Hij het weg nemen. En dan zal er de tirannie zijn zolang Allah het wil, en dan wanneer Allah het wil zal Hij het weg nemen. En dan zal er (weer) de Khilafa zijn volgens het voorbeeld van de Profeet. En toen zweeg de Profeet.”

De spreker besluit met: ‘Dan zal hij het wegnemen wanneer hij het wil!’

De zaal scandeert minutenlang: Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! ! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa! ! Khilafa! Khilafa! Khilafa! Khilafa!

Het is pauze. De dagvoorzitter zegt dat iedereen vragen kan stellen (in het programma zelf is geen ruimte voor dialoog).
Een klein groepje vrouwen gaat bidden in de zuurstofloze, verduisterde gebedsruimte. De rest blijft in de zaal zitten met de kinderen. Vriendelijke meisjes brengen halal broodjes rond. De mannen lopen in en uit, aan hun kant zijn er twee openslaande deuren, frisse lucht.
Mannen en vrouwen negeren elkaar. Mijn buurvrouw, een slechts Arabisch sprekende jonge importbruid verstopt onder een zwarte tent, draagt zonder oogcontact precies op de grens haar zoontje van een jaar over aan haar modern geklede echtgenoot. Gelukkig maar, want het arme ventje verveelde zich dood en speelde in het ochtendprogramma noodgewongen met mijn opvouwbare regenjas en een plastic antiblaarstift omdat zijn moeder niet één speelgoedje bij zich had. Een aantal jonge vrouwen gehuld in zwarte gewaden heeft een oranje hoofdbandje over de sluier; zij zijn van de organisatie, Hizb ut Tahrir Nederland.

Het middagdeel opent met drie maal Takbir!!! Allahoe akbar!!!, gevolgd door vijfmaal de shahada: la ilaha illallah, Mohammed rasoellulah [de geloofsbelijdenis: er is geen God dan Allah en Mohammed is zijn gezant].

We krijgen een film van PressTV over de conferentie van HuT internationaal. Een beroemdheid spreekt over de failliete regimes in het Midden-Oosten; dit komt door de koloniale heersers. Maar de oemma heeft gemeenschappelijke emoties, aspiraties en het is tijd om het kalifaat terug te winnen, de islamitische manier van leven.
‘Wij hebben geen westerse interventie nodig, de oemma is capabel genoeg. Het is onze plicht als moslims om het kalifaat te vestigen. We moeten onafhankelijk van de koloniale orde zijn. De hulp aan Libië is alleen voor de westerse belangen. De Arabische revolutie is niet: Mubarak moet aftreden, maar: verander de aard van de staat. Griekenland en Spanje bewijzen het failliet van het liberaal-kapitalistische, seculiere systeem. De islamitische manier van leven is beter! Wij willen onder het banier van de islam!’

De voorganger roept weer Takbir!!! De zaal valt in: Allahu Akbar!!! (dit drie maal).

De derde lezing, gegeven door ene Bilal met helaas onverstaanbare achternaam, een gespierde dertiger met een lichtblauw overhemd, een kaalgeschoren schedel en modieus licht ongeschoren, gaat over de de noodzaak de methode van de da’wa te volgen teneinde de Khilafa op te richten. Bilal geldt als dawa-expert.

Sommigen denken, begint hij, dat het kalifaat door middel van fysieke strijd gevestigd zal worden, anderen geloven dat het komt als je aan liefdadigheid doet of aan jezelf werkt. Dit is onjuist. Het oprichten van een kalifaat – we hebben het eerder gehoord vanmiddag – is een verplichting voor alle moslims en zij worden daartoe opgeroepen in de Koran. Allah eist het daadwerkelijk oprichten van islamitische staten in de moslimlanden. Dat is de juiste methode.

‘Voor niet-moslims’ voegt hij eraan toe: ‘We hebben vreedzame bedoelingen. De Koran mag niet geinterpreteerd worden naar eigen goeddunken, dat is een zonde.’ En: ‘Ten tijde van het kalifaat, vóór 1924, hadden moslims geen ervaring met de jihaad, want het kalifaat wás er.’

‘We moeten de jahiliyya transformeren tot een islamitische samenleving.’ Dit gaat in drie fasen, naar het voorbeeld van de profeet (puh). Fase één: cultiveren, dit is een geheime fase. Fase twee is interactie, ideologische strijd, dawa. Daarna volgt het daadwerkelijk vestigen van de islamitische staat. De profeet nam drie jaar lang in het geheim mensen apart, ze waren uitgenodigd in een groep en volgden lessen over de islam. Ze werden klaargestoomd voor de dawa in de maatschappij.’

Dit is ook de methode van HuT, zegt Bilal. In fase één stel je een groep samen en ga je mensen opleiden, ‘cultiveren’. Dan worden mensen ‘islamitische persoonlijkheden, via intensieve studie’.
Na die eerste fase ontving de profeet (puh) de volgende openbaring van Allah: verkondig openlijk wat jou bevolen is en wend je af van de moesjrikien [de ongelovigen].

En vergeet niet, drukt de spreker de zaal op het hart: “Voorwaar, jullie en wat jullie naast Allah aanbidden zal brandstof zijn voor de hel.” [soera 21:98, al Anbiyaa, de profeten, Mekkaans].

Dan citeert hij soera 9:33 [at-Taubah, het berouw, Medina], een tekst die de bedoeling van de islam duidelijk maakt:

Hij is het die Zijn gezant met de leidraad en de ware godsdienst gezonden heeft om hem te laten zegevieren over de hele godsdienst, ook al staat het de veelgodendienaars tegen.

‘Weer de zwendelaars!’ roept de spreker vol afschuw, want de islamitische betekenis van bedrog is dat men de islam verwerpt. De intellectuele en politieke strijd tegen ongeloof is een tienjarige fase. De profeet riep op tot radicale verandering van alle aspecten van het leven.
HuT werkt in de maatschappij en wil door middel van lessen, literatuur, campagnes, de valsheid van het secularisme, kapitalisme, democratie laten zien. Wij willen ons leven helemaal in overeenstemming krijgen met de islam.
Dit bracht de profeet in strijd met de politieke heersers. Moslims werden vervolgd. Er was veel negatieve propaganda over de islam, tot en met moord.

De vrouwen in de zaal lispelen geëmotioneerd.

De politieke strijd, vervolgt Bilal, is een verplicht element in de dawa-methode. Wij doen dit om de oemma te beschermen tegen de islamitische bedreiging van de heersers.

Omdat het bereikte resultaat in Mekka na tien jaar onvoldoende bleek, dit zou de islam niet implementeren, ging de profeet buiten Mekka op zoek naar politiek-militaire steun ofwel noesrah, van de Arabische stammen.

Ook dat was een gebod van Allah.

De noesrah behoort tot de verplichte methode; dit ‘nodigde de stammen uit’ tot de islam. Allah beval de moslims te emigeren naar Media en hulp te zoeken bij de ansaar (helpers).

Takbir!!! roept de man met de zwarte vlag. De zaal antwoordt Allahoe akbar!!! (drie maal).

Na aankomst in Medina gingen de metgezellen van Mohammed meteen over tot het oprichten van de islamitische staat. ‘Na dertien jaar!’ merkt Bilal bewonderend op.

HuT doet een beroep op de legers in moslimlanden om mee te doen aan de noesrah tot vestiging van het kalifaat.
‘We moeten met één stem spreken tot we in deze landen invloed hebben om door middel van de noesrah voldoende militaire kracht te hebben. We hebben geen andere keus dan dit, de geweldloze methode. Zonder islamitische staat leiden we geen menswaardig leven.’

Bilal besluit met: ‘De profeet. Moge Allah hem vrede en zegeningen schenken.’

Dat vraagt natuurlijk om een krachtig Takbir!!!, zoals steeds gevolgd door Allahu Akbar!!! (dit drie maal).

De laatste lezing gaat over een actueel thema, de opstanden in de islamitische wereld en de terugkeer van de Khilafa, en wordt gegeven door Okay Pala, een internationaal vermaarde spreker van HuT en leider van de Nederlandse tak. Hij is ook de man die Ben Kok en zijn cameraman de toegang tot de conferentie verbood.

Egypte, Tunesie, Syrie, Jemen, Bahrein etc. zijn marionettenregimes. Je hoort: “De oemma wenst de islamitische staat!” Dan een retoriscue vraag: is het een roep om democratie of om een islamitische staat?

Daar gaan we weer:

Takbir!!! Allahu Akbar!!! (drie maal)

In de westerse media zijn er discussie over de opstandelingen; zij moesten heel lang onderdrukt worden, om te voorkomen dat de islam ingevoerd zou worden. Daarom steunde het Westen de’westers-vriendelijke dictators’, tegen de wil van het volk. Het waren stromannen, aan de macht geholpen door het Westen.
De volksopstand is niet te stoppen. Moslims zijn nu vrij en kiezen voor de islam. Het Westen heeft deze regimes gesteund, hun rijkdommen zijn verkwanseld, de mensen worden onderdrukt, de islam wordt bestreden.

‘Moslims moeten worden ontdaan van de ketenen. Het Westen is er niet in geslaagd de islam te verwijderen van de moslims. Ongetwijfeld zullen andere opstaan om deze nobele strijd voort te zetten.’

En natuurlijk klinkt weer het Takbir!!! Allahoe Akbar!!! (drie maal)

De oemma keert weer terug naar de islam, zij wil onder het schild van de khilafa. Deze oemma is vastberaden. Jullie zijn de beste mensen. Jullie doen het goed en gaan de verbreiding van het slechte tegen. Dit is waar de opstandelingen voor strijden!
Hou je aan de voorschriften van Allah dan zal Allah jullie helpen!

Zo is dat. Derhalve: Takbir!!! Allahoe akbar!!! (drie maal).

Moslims laten zien dat ze verandering willen. Willen de moslims een aantal aspecten van het systeem veranderen, cosmetisch, of willen ze een radicale verandering? Willen de moslims democratie of islam? Vraag het de mensen zelf.
Bilal weet het antwoord al: ‘Het volk wil het volgende systeem, dat wil zeggen, het wil een einde aan het bloeddorstig systeem van de monarchie.’
Jammer is wel dat het systeem ondanks de protesten nog steeds intact is. Protesten worden de kop ingedrukt. De spreker geeft een wijze raad uit de Koran, hoofdstuk 13 [ar-Rad, de donder, Medinisch], vers 11.

Allah verandert niet wat er in mensen is zolang zij niet veranderen wat er in henzelf is en wanneer God het met mensen slecht voor heeft dan is dat onafwendbaar en zij hebben buiten God niemand die hen beschermt.

De vrouwen mompelen instemmend.

Het gaat om de perfectie van de verplichting, het goede. Definitief afrekenen met het slechte [dat wil zeggen: wat slecht is voor de islam]. Dat is de gewenste verandering die de sjaria nastreeft.

Pala haalt soera 2:85 aan [al Bakara, de koe, het eerste dat in Medina neerdaalde]. Dit hoofdstuk veroordeelt de Joden, de ‘mensen van het Boek’, omdat ze de profeet Mo (puh) niet accepteren:

Gelooft gij dan slechts in een gedeelte van het Boek en verwerpt gij een ander gedeelte? Er is geen beloning voor degenen uwer, die zulks doen, behalve schande in dit leven; en op de Dag van Opstanding zullen zij de strengste kastijding moeten ondergaan, want Allah is niet onachtzaam betreffende hetgeen gij doet.

Het is duidelijk. Wat we nodig hebben, aldus Pala, is:
1) een duidelijk alternatief;
2) een politieke partij die zich voor dit alternatief inspant;
3) aanwezigheid in de publieke opinie.

HuT werkt onder de oemma. Alle moslims willen samen om ons te kunnen verenigen.

Pala citeert soera 8:24 (al-Anfaal, de buit, grotendeels Medinisch en neergezonden na soera 2, de koe). Dit is een oproep tot de jihaad:

In naam van Allah, de Erbarmer. O jullie die geloven! Geef gehoor aan God en de gezant , wanneer Hij u oproept tot wat jullie leven geeft en weet dat God tussen een man en zijn hart tussenbeide komt en dat jullie tot Hem verzameld zullen worden.

HuT werkt niet om westerse landen te veranderen maar onze moslimlanden. Het is het recht van moslims om geregeerd te worden door de islam. Dit is hun keus en dient gerespecteerd te worden!

Daar gaan we weer, de ordedienst heft aan: Takbir!!! En het publiek antwoordt: Allahoe akbar!!! (dit vijf maal).

De dagvoorzitter komt tot een afronding. Allah zal de toestand in islamlanden niet veranderen voordat wij veranderen. We willen niet in nationalisme blijven, maar leven zoals onze voorouders, de khilafa vestigen en de imaan [het zich onderwerpen aan het geloof] is leidend.

De zaal beantwoordt ditvanzelfsprekend met de geloofsbelijdenis: La illaha illallah Mohammad rasoellulah!

Tijdens het slotgebed heffen slechts enkele mannen en vrouwen de handen ten hemel en nemen de bidhouding aan; de meesten zitten met de ogen open en de handen op schoot of op de leuning.

Wederom klinkt minutenlang scanderen: Khilafa! Khilafa! Khilafa! Steeds luider en onderbroken door Amien! Iedereen wijst in de lucht.

In de woorden van een bezoeker op een Marokaans forum werd de conferentie afgesloten ‘met een doe’a (smeekbede), waarna alle mensen opstonden, de takbier roepte en schreeuwde ‘Khilafa! Khilafa!’ Met hun wijsvingers hoog in de lucht en met een harde stem verlieten zij het conferentiegebouw, schreeuwend ‘al oemma toeried Khilafah Islamiyya!’ (de Oemma wilt een Khalifa staat!)’.

Jammer alleen dat voor ‘nazitten’, het laatste aangekondigde programma-onderdeel, geen gelegenheid is. De bewakers bevelen ons op luide, opgefokte toon de zaal te verlaten.
Het lukt me toch om nog een kort gesprekje te voeren met de derde spreker, Bilal met het lichtblauwe overhemd.

Jullie, verzekert hij me, hoeven je geen zorgen te maken dat Hizb ut-Tahrir het kalifaat in Nederland wil vestigen. Het kalifaat moet in het Midden-Oosten en andere moslimgebieden worden heropgericht. En nee, dat zijn géén moslimstaten, ook Iran en Saoedi-Arabië niet, want dat laatste land heeft een soort monarchie en dat is niet islamitisch. Bovendien is de wet daar niet voor honderd procent op de sjaria gebaseerd. Je noemt iets pas een islamitische staat als dat wel het geval is.
Maar, vraag ik, waarom wonen jullie dan in Nederland, het gaat toch sneller om in een moslimland aan de vestiging van het kalifaat te werken? Zo zit het niet, legt hij uit. ‘Het maakt niets uit waar je woont, want nergens is momenteel een kalifaat.’

Helaas heeft hij geen tijd meer. Ik had nog zoveel vragen. Is daarmee volgens Hizb ut-Tahrir het onderscheid tussen de dar al-islam en de dar al-harb opgeheven? Hoever zijn jullie met de da’wa in Nederland? Wanneer begint het jihadstadium om de islamitische wereldoverheersing te bereiken, zoals het in de heilige islamitische boeken staat voorgeschreven? En waaraan gaan wij dat merken in Nederland?

Thuis sla ik Erik van Ree (De totalitaire paradox, 1984) en Karel van het Reve (De ongelooflijke slechtheid van het opperwezen, 1987) open, op zoek naar aanknopingspunten om die raadselachtige middag te duiden, waarbij ik ook aan de Arabische opstanden denk. In zijn boek over de terroristische massademocratie van Stalin en Mao beschrijft Van Ree de ‘zinderende geestdrift’ van de bevolking en de lyrische beschrijvingen van reizigers.

[Het totalitarisme van Stalin en Mao is] “een krankzinnige paradox: het combineert een totale autocratie, een vergoddelijkte leider, met een al even verregaande participatie-democratie. […] Totalitaire staten zijn zulke onverdraaglijke oorden omdat belangrijke delen van de bevolking die dictatuur van ganser harte ondersteunen.”
“Een totalitaire staat als die van Stalin en Mao is democratie en dictatuur tegelijk: de burgers hebben geen enkel beslissingsrecht, zij hebben niets te zeggen, maar zij moeten wel voortdurend spreken, aanhankelijkheid betuigen, en zij willen dat ook.”

“Massale participatie mag dan een democratisch gebeuren zijn, dat betekent nog niet dat de vrijheid van mensen er automatisch mee gediend is. Een geactiveerde massa is omgeven door een sterke waas van legimiteit, haar handelingen en uitspraken maken een onaantastbare indruk. De druk op het individu kan tot onaanvaardbare hoogte stijgen.”

In zijn bespreking van dit boek, in De ongelooflijke slechtheid, zegt Karel van het Reve:

Men denkt vaak dat massale terreur en massale geestdrift onverenigbaar zijn. Maar het is juist omgekeerd. […] Een ‘gewone’ dictatuur (Pinochet, Gorbatsjov) wordt ‘door iedereen uitgekotst’, maar moorddadige regimes als die van Stalin, Hitler en Mao [elders vraagt KvhR zich af of dit ook voor het islamitisch systeem geldt] gingen gepaard met uitzinnige geesftdrift. Met ‘normale’ repressie van andersdenkenden wek je geen enthousiasme. Pas als iedereen aan de terreur mee mag doen, als ieder kind zijn ouders bij de politie mag aangeven is de vreugde algemeen.’

En als iedere moeder onder lofprijzingen haar zoon aan de jihad mag meegeven, is de islamitische feestvreugde helemaal compleet. Het moge duidelijk zijn dat die doodscultus niet te combineren is met het systeem dat we in Nederland hebben. Politici, overheden en media die nu nog denken dat de islam onder dezelfde godsdienstvrijheid moet vallen als christendom en jodendom, zijn gevaarlijke struisvogels die het wel best vinden dat wij in onze westerse landen mensen hebben toegelaten die hard werken aan de opheffing daarvan.

Meer informatie

  • www.htmedia.info (mediawebsite Hizb ut Tahrir, Arabischtalig)
  • www.alummah-voice.com (liveverslag kalifaatconferenties in het Arabisch)
  • www.hizb-ut-tahrir.org (internationale site)
  • www.hizb-ut-tahrir.info (mediabureau, verschillende talen)

Navigeer naar andere artikelen

6 Responses to Verslag van HuT-kalifaatconferentie 3-7-2011, A’dam, van binnen uit !

  1. Op 10 juli 2011 @ 00:08 schreef Levi Zoutendijk

    Beantwoorden

    Mooi verslag, ik was er ook bij en het lijkt helemaal te kloppen

  2. het komende door Turkije geleide Kalifaat

    http://www.wimjongman.nl/artikelen/kalifaat/kalifaat5.html

  3. Op 11 juli 2011 @ 10:34 schreef Bernadette de Wit

    Beantwoorden

    Op Frontpage Magazine een interessant interview met een Egyptische dissidente, Cynthia Farahat:

    http://frontpagemag.com/2011/07/11/egypt-unveiled/

    The concept of Khilafah is very much alive and well, and functioning stealthily. Egypt is a Saudi colony; the Kingdom of Saudi Arabia has been trying to ideologically control Egypt by supporting the Muslim Brotherhood since the early 1930′s and in the 40′s the Muslim Brotherhood infiltrated the Egyptian army. The Egyptian President Gamal Abdel Nasser and almost 90 officers of his movement that he called “The Free Officers,” [sic!] were members of the Muslim Brotherhood. Nasser himself swore alliance to the terrorist organization on a gun and the Quran; according to Khalid Mohei Eldeen’s biography, who was a member of the “Free Officers” and Member of Parliament.

  4. Op 20 juli 2011 @ 20:19 schreef Job van Amerongen

    Beantwoorden

    Mw. de Wit gelooft overduidelijk niet in kort en bondig….

    • oproep! bidders en voorbidders gevraagd om het kalifaat tegen te gaan,bedenk dat veel Moslim ook opgeroepen woren vanuit de moskee en vanuit bepaalde Islamitischa organisaties om te bidden voor een -wereldwijd-kalifaat!
      gebed gevraagd voor een overheid die wél verantwoording neemt,een andere regering dus,de wonderen zijn de wereld nog niet uit…

      *de Bijbel roept op om te bidden voor diegene die’in hoogheid’zijn gezeten,het koningshuis,de regering en volksvertegenwoordigers

Geef een reactie

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

*